“Vandaag rijden we de koninginnerit”, gaf begeleider Eddy vanmorgen aan bij het vertrek. Deze aankondiging maakte heel wat verwachtingen los bij de nieuwelingen. Ze hadden geen idee wat hen te wachten stond maar begrepen van de habituĂ©s dat het niet simpel zou worden. Palmanyola, Esporles, coll d’ Espi, Andraxt, Coll de Sa Creu … deze namen zeggen een niet-Mallorcakenner niets. Maar zij die wel opkijken bij het aanhoren ervan weten: ‘dat is klimmen geblazen’.
In gesloten cordon reden we tot aan de koffiestop in Esporles. De wekelijkse markt en de overal aanwezige Zuid-Amerikaanse panfluitspeler zorgde voor wat extra vakantiesfeer. De iets meer gevleugelde klimmers zochten mekaars gezelschap op en stoomden (nou ja) gezamenlijk naar het tussenpunt, een restaurant dat op 40 m boven de zee hangt. De zachte wind en de zon met 22 graden zorgden voor de ideale fietsomstandigheden. Er werd dan ook enorm genoten van de schitterende vergezichten en af en toe gekreund omwille van de zoveelste stekelige helling.
’s Middags waren de snelle jongens amper gezeten of groep twee schoof weinig ‘getekend’ aan voor hun boccadilo-hap. Met een gevulde maag terug bergop rijden, is niet iedereen gegeven. Dus hier en daar werden bij de herneming wel wat verwensingen geuit.
Het tweede gedeelte van de tocht was een aanschakeling van klimmen en dalen. Leuk om doen maar toen Palmastad in het vizier kwam was het ‘contentement’ op vele gezichten merkbaar.
De laatste 12 kilometer moeten over een smal fietspad afgehaspeld worden. Een makkie, zeker als er tussendoor even verpoosd kan worden in de zetels van “El Molinos.” De finale afsluiter bij een cerveza maakten de tongen extra los. De week passeerde de revue. Het weer, het gezelschap en vooral de prestaties werden bij elke slok beter. De conclusie was haast bij iedereen dezelfde: “Als God het belieft, staan we hier volgend jaar terug”.
De recreatieve vrienden zochten vandaag hun heil op Randa. Geen evidente eindbestemming als je niet over een ultralichte koersfiets beschikt. Maar zij die de beklimming waagden, lieten dit niet aan hun hart komen. ‘Met wat harder te duwen, kom je er ook’, was de redenering. Het resultaat was er dan ook. “Had ik iets meer tijd gehad, dan was ik tweemaal naar boven gefietst”, liet een enthousiaste Annemarie mij ’s avonds weten. Een uitdaging voor volgend jaar?
Op de terugweg werd er nog even halt gehouden bij een glasblazer. “Hij maakte mooie dingen. Maar de luchter van 25.000 euro was toch iets te groot om in mijn fietszakken mee te nemen, concludeerde Ronny. Misschien de volgende keer een extra zakje meenemen?



